Een smerige bedoening

 
 
Sinds eergisteren ben ik rechtshorend.
Op links is het oorverdovend stil.
De lui in het midden kan ik niet zo goed volgen.
Gelukkig is het niet zo erg als wanneer ik mijn rechterhand
zou moeten missen, zoals de grote blonde leider dat moet.

Ik greep met beide handen de gelegenheid en de telefoon om mijn
huisarts te bellen.
Natuurlijk bedoel ik de huisartsenpraktijk die telefonisch bevolkt
wordt door een bandje. En een keuzemenu. En weer een bandje.
En als je geluk hebt een lieftallige assistente.

Na bijna tien minuten in de wacht klinkt eindelijk een vrolijke stem.
‘Met huisartsenpraktijk B., met Froukje, wat kan ik voor u doen?’
‘Goeiemorgen, met Ltz, kan ik een afspraak maken?’
‘Natuurlijk,’ zegt Froukje, ‘ik maak met iedereen afspraken, maar
ik wil wel weten waarvoor?’
‘Mijn linkeroor zit dicht, kan het uitgespoten worden?’
‘Jawel, even kijken… morgenochtend om twintig minuten over elf.
Wat is uw geboortedatum?’
Ik noem mijn naam nog even voor alle duidelijkheid en de datum
die ze wil weten.
‘Maar druppelt u al?’
Ik moet even nadenken voor ik snap wat ze bedoelt.
‘Ja, al bijna een week maar het helpt niks.’
‘Oké, ik zie u morgen dan.’
‘Dankjewel, dag.’

Dat smerige linkeroor morgen eindelijk weer open.
En de brommer zonder uitlaat van die puisterige puber van de overkant
weer van links naar recht voorbij horen knetteren.
Morgen bel ik de politie!
 
 

Laaggeletterd

 
 
Vaak ga ik het internet op om onder laaggeletterden te verkeren.
Dat geeft je zo’n goed gevoel, om te lezen en dan weten dat je zo veel hoger
staat dan die armen van geest op Speurders of Marktplaats.
En daarna dan gauw grasduinen ‘onder ons volk’ op de diverse websites voor
hoger opgeleiden. Hè, echt fijn om al die omhooggevallen Amsterdamse
grachtengordelkoppen weer tegen te komen…
Dan kan ik het weer van me afschrijven, als letterfluisteraar ben je
toch wel een uitverkoren ons soort mens.
Deze keer was ik op bezoek bij Marktplaats.

Zoekt en gij zult vinden


ik zoek zo n oude telcel
die je vroeger in engelland hadden, maar wel een lichte opknapper zijn
ze zijn altyd rood zo ver ik weet
Henk

hallo ik ben op zoek naar een Datum dat het medium Truus Knijn ergens
weer een paranormale avond geeft.. ze is erg goed weet ik uit ervaring
maar ik kan nergens een datum op internet vinden.

Afgelopen vrijdag avond zijn mijn sleutels per ongeluk in de verkeerde jas
gedaan. Dit moet een zwarte jas zijn.
Waarschijnlijk bent u dit bosje tegen gekomen in uw jaszak en weet niet hoe
het daar in gekomen is. Bij deze hoop ik dan van harte dat iemand zich meldt
met dit bosje sleutels.
Dit is afgelopen vrijdagavond gebeurd bij Jacks Casino Eindhoven.
Alvast bedankt.

 
Serious request


Ik heb PTSS gehad.
Heb o.a EMDR gedaan.. Raakte alles Kwijt ( kids, grote liefde waarmee
ik zou gaan trouwen en bijna huis en baan )
Binnen in een maand 2 hele erge dingen meegemaakt / overleefd;
wat ik Zelfs me ergste vijanden niet gun. Niet dat ik ze heb.
Na 5 jaar gaat het stukken beter en komen nu allemaal mooie dingen
op het pad, eindelijk… Ik kan wel een boek schrijven
Ik zoek mensen die ook ptss hebben of hadden of een trauma.
Aan gezien dit serious is:
worden Alleen seriouze reacties serious beantwoord….

 
Batterij leeg?


Wie kan mij helpen met het opladen van Karaoke.
Dit op te laden op je computer en dat te installeren.
wil wel een kleine vergoeding voor geven.
Deniz

 
Bolletjesdrager


hallo, ik heb jaren terug een plantje in de tuin gehad met knolletjes
eraandie in de grond zaten. en deze werkte heel goed tegen aambeien
als je een paar van die knolletjes bij je droeg. 12 jaar terug ben ik verhuisd
en niets van dat plantje mee genomen helaas. nu vraag ik of iemand weet
wat ik bedoel en of ik die ergens kan aankomen. weet helaas niet hoe het plantje
heet.
hoor mgraag van U.

 
Scheiden doet lijden


Wie zijn op de zondag 1 augustus 2010 getuige geweest van een aanrijding
door een fiets tegen een scheidingspaal? Het betreft de Provincialeweg,
fietsend vanuit Utrecht ter hoogte van het complex Rhijnhage.
Dit fietspad leidt naar het centrum van Bunnik.
Wie weet of er nog meer aanrijdingen tegen scheidinspalen in Bunnik zijn geweest?
Dank!
 
 

Elleboog

 
 
De Grote Kromme Elleboog heb je in Groningen (stad), zo ook de Kleine Kromme Elleboog.
Maar niet deftig genoeg voor de Passion.
Snelkokende elleboogjes heb ik maandag nog gegeten.
Maar de mooiste elleboog vind je hier:
 
 

 
 
Goede dagen gewenst, met eitjes enzo.
 
 

Geen Kunst maar Kitsch

oudvrouwtje01

Gerard Dou schildert plm. 1631-1632 een portret van een lezende oude
vrouw. Hangt nu in het Rijksmuseum. O, het schilderij natuurlijk, sorry.

Leuk, zeg je, wat heb ik daar aan?
Nou, het schilderij op de foto van deze eenmalige aanbieding is daarvan
een kopie.
Knap nageschilderd, dus geen afdruk maar een echt schilderij.
Houten raamwerk met doek bespannen, goed in de grondverf en knap afgelakt.
Veel stof en een spinnenweb op de achterkant.
Ingelijst ook nog.
Geschilderd door ene F. Hensens op 8/3/77.
Ik denk dat het jaartal 1977 is, mijn zwager was in die tijd kunstliefhebber.
Hij heeft het aangeschaft omdat het volgens hem een echte Rembrandt was,
de stakker.
Hij was zo ijdel (mijn zwager) dat hij nooit zijn bril droeg, hij was vreselijk
kippig zonder dat hulpstuk. Hij heeft ooit eens 20 kilometer spookgereden,
het was maar goed dat hij zijn bril niet ophad, want hij werd helemaal
tureluurs van al die automobilisten die met groot licht reden, zei hij.

De lijst van het schilderij heeft jammer genoeg enkele gebruikssporen.
Zwagermans kwam er op een gegeven moment toch achter dat het geen
Rembrandt was, trok het schilderij van de muur en gooide het in woede
door de kamer. Het schilderij overleefde het, de lijst niet (helemaal).

Goed.
Het is dus een oud vrouwtje en heeft altijd binnen gehangen.
Met een nieuwe lijst is het nog steeds een oud vrouwtje, maar het
zal er wel van opknappen, als je van kitsch houdt.
Leuk voor op de logeerkamer, zodat je schoonmoeder nooit weer
zal komen logeren.

Tja, de prijs.
Kitsch is ook duur, wist je dat? Tenminste toen mijn zwager-zaliger het kocht.
Bied maar eens, vanaf 50 euro.
Geen geld voor zo’n stukje vakmanschap, vind ik.
Nelleke van der Krogt zou er een moord voor doen, als ze haar bril niet op doet.

Het schilderij is alleen om mee te nemen, je kunt niet blijven eten.
Vergeet niet om geld mee te nemen, pinnen doe je maar ergens anders.
Vooraf betalen kan ook natuurlijk, als je voldoende vertrouwen in
je medemens hebt.

Mailen mag ook, gezellig!

O ja, af te halen in het pittoreske plaatsje Eelde (Dr.).
(Er is een vliegveld)
 
 

As het beessie maar een naam heb

 
 
De beschaving slaat om zich heen.
Ik was deze week in een etablissement dat de naam Smulparadijs droeg.
En niet zomaar een smulparadijs, nee, het was Alida’s Smulparadijs.
En wat valt daar zoal te smullen?
Patatje met, kroketje, bamiballetje, frikandel speciaal.
Dat soort smulpaperij.
De nijvere middenstanders die ons met de meest exotische namen proberen
te verleiden tot het betreden van hun pand teneinde ons daar een gastronomische
belevenis te laten beleven, geven ons een soms ontluisterend inzicht in hun
denkwereld. Naast het genoemde Smulpaleis zijn er bijvoorbeeld:
Kwalitaria, Cafetarette, Eterije, Komeet, Genieterij, Frieterije.
Maar ook het iets serieuzere eethuis wordt met de fraaiste bedenksels
getooid:
Gasterie, Gasterije, Gastronomië, Osteria, Eetcafe, Eet&Drinkhuis,
Dinercafé, Dinerije, Dinerette, Restaurette, Ribhouse, Dinecafé.
Dan het dappere broodbakkersgilde:
De Broderie, Broderije, Slager Bakkerij.
Tja, de laatstgenoemde is natuurlijk niet alleen maar bakker:
Slagerie, Keurslager, Topslagerij, Slachterije, Bakker uw slager.
Eigen naam bovenaan!
Men moet zich natuurlijk niet door namen laten leiden, zeker niet
bij Chinees-Indische restaurants:
Man Hing, Tong Au, Hang Chow, Sin-Jah, Ling Nam, Pak Luck, Honing.
Maar de toppers van de namencultuur zijn toch de creatieve barbiers
en barbieressen:
Kapperij, Hairstylerie, Barbershop, Coiffurie, Haarsaloon, Frishaar,
Knipperij, Hairdressers, Haarstudio, Knipkamer, Hoofdzaak, Kapriolen,
Knipshop, Herenhaarverzorger.

Ben ik blij dat ik kaal ben!
 
 

De zieke man

 
 
Twee mannen woonden in een groot huis, met twee Kamers en één Ridderzaal.
Ze waren moe, ze konden niet meer.
‘We hebben onszelf verkocht,’ zei de ene man.
‘Uitgeruild heet dat,’ zei de andere man.
‘Nee, verkocht,’ zei de ene man, ‘deze keer bedoel ik het zoals ik het zeg.’
Ze aten, deden soms een piepklein dutje en zaten tot diep in de nacht te vergaderen.
Bodes zetten hun boodschappen voor hun deur.
Op een ochtend zei de ene man: ‘Ik voel me ziek, uitgerangeerd.’
Hij begon te snikken.
‘Moed houden,’ zei de andere man aarzelend.
‘Moed houden?’ vroeg de ene man. ‘Waar moet ik moed in houden?’
‘Dat weet ik ook niet,’ zei de andere man zachtjes.
‘Volgens mij,’ zei de ene man, ‘is het leven dat wij leiden een soort surrogaat.
We zitten hier maar. Alles wat we doen is vergaderen en wetsvoorstellen terugtrekken.’
De andere man keek naar de grond en zweeg.
‘Ik ga naar de dokter,’ zei de ene man.
‘Waarom?’ vroeg de andere man.
‘Ik zei toch dat ik ziek was?’ zei de ene man.
Hij trok zijn jas aan en ging de deur uit.
Even later trok de andere man ook zijn jas aan en volgde hem.
Hij had een vreemd soort voorgevoel.
Ze liepen langzaam, honderd meter van elkaar.
Het was een grijze dag.

De ene man ging het huis van de dokter in.
De andere man bleef op het trottoir staan.
Wat zal ik doen, dacht hij, zal ik de AIVD inschakelen of doe ik het zelf?
Toen stapte hij de voortuin in, liep over een smal grindpad,
sloeg een hoek om en stond voor een matglazen raam.
Het raam van de spreekkamer van de dokter.
Er lag een veilingkistje in het grind, iets verderop.
Hij zette dat onder het raam, klom erop en legde zijn oor tegen het raam.
Hij hoorde een mannenstem die sprak over moeheid, angst voor de
verkiezingen en heesheid.
Toen hoorde hij de dokter iets zeggen dat hij niet begreep.
‘…principeverkwanseling…’ verstond hij.
Meer niet.
De dokter had een donkere, zoemende stem.
Net een bromvlieg, dacht hij.

Even later hoorde hij een deur opengaan en weer dichtgaan.
Ah, dacht hij. Hij hoorde de stem van de ene man.
Eerst hoorde hij een paar onverstaanbare zinnen.
Toen verstond hij: ‘Ik wil van hem af. Kunt u daar niet iets aan doen?’
Het hart van de andere man begon hevig te bonzen en hij wankelde
op het veilingkistje.
Hoor ik dat wel goed? dacht hij. Maar hij had het echt verstaan.
De dokter sprak weer onduidelijk.
‘…principeverkwanseling…’ verstond hij opnieuw.
‘Hij betekent mijn dood,’ ging de ene man verder.
‘…principeverkwanseling…’ zei de dokter.
Toen hoorde de andere man voetstappen op het grindpad, om de hoek.
Hij stapte vlug van het kistje af en verborg zich in een bloeiende
rododendron, onder een linde.
Wat moet ik zeggen als ze me hier vinden? dacht hij.
Dat ik iets kwijt ben? Dat kan toch niet? Of dat ik verdwaald ben?
Maar hier? Dat is toch heel raar?
Hij bleef daar een tijd gehurkt zitten.
De voetstappen waren al lang weer verdwenen.
Hij kwam te voorschijn en klom weer op het kistje.
Maar er klonk een andere stem in de spreekkamer.
De andere man ging de tuin uit en zag de ene man lopen.
De andere man liep zo hard mogelijk achter hem aan en haalde hem in.
Hij tikte op zijn schouder.
‘Ik heb het wel gehoord,’ hijgde hij, buiten adem.
‘Wat heb je gehoord?’
‘Dat je van me af wilt.’
‘Hoe kom je daarbij?’
‘Ik heb aan het raam geluisterd.’
‘Aan het raam geluisterd?’ zei de ene man, ‘aan het raam van de dokter geluisterd?
Heb je dat écht gedaan?’
Hij wachtte even.
Toen zei hij: ‘Weet je dat dat strafbaar is, dat je daarvoor de gevangenis in gaat…?’
‘Zo maar van iemand af willen is ook strafbaar.’
‘Dat is helemaal niet strafbaar. Maar een dokter afluisteren wel.’
Daarna liepen ze, achter elkaar, naar het huis.

Thuisgekomen zwegen ze.
Maar ze wierpen elkaar af en toe wel woedende blikken toe.
Wacht maar, dachten ze.
Ze aten en vergaderden tot middernacht.
Daarna wilde ze gaan slapen.
De ene man zei tegen de andere man dat hij maar op straat moest overnachten,
hij was immers uitgerangeerd. Het zou te gek zijn dat uitgerangeerde
mensen van hem voeding, een bad plus een bed om in te slapen kregen.
De andere man beloofde hem dat hij de volgende morgen vrijwillig het pand
zou verlaten, als hij mocht blijven slapen.
Dat mocht, voor deze keer.
‘Er komt geen pardon!’ riep de ene man.

In het torentje stond één bed.
Een smal, ijzeren bed met doorgezakte veren.
Daar hadden hun voorgangers meer dan honderd jaar lang in geslapen.
Ze wisten zich geen raad, probeerden elkaar niet aan te raken.
Maar toen dat niet lukte sloegen ze hun armen maar om elkaar heen,
knuffelden elkaar en beten zachtjes in elkaars oor.
Uit pure armoede dat ik je koester, dacht de ene man.
Dat ik dat nog heerlijk vind ook… dacht de andere man schamper.
Ze deden maar alsof het hun niets kon schelen.
Niets deed er toch meer toe.

Het was een donkere, stoffige kamer met spinnewebben in de hoeken,
moderne etsen aan de muur, een donkerrood kamerscherm.
Een zwaar dressoir met in de laden zilveren vorken, lepels en messen in
vetvrij papier verpakt, stond tegen de muur.
Een foto van hen, samen aan zee, een jaar geleden, hing erboven.
Muggen gonsden.
Het was het begin van de zomer.
Midden in de stad.
 
 

De mannen die hadden verloren

 
 
Twee mannen werkten in hetzelfde huis.
Een huis met twee torentjes, twee kamers en één Ridderzaal, heel gezellig,
maar om er te mogen werken moest je wel eerst gekozen worden.
Ze mochten elkaar in het begin niet. De ene man wilde heel iets anders
dan de andere man, maar dat gold omgekeerd ook.
Toch moesten ze samenwerken.
Het was een gruwelijke gedachte, die ze tevergeefs bestreden.
Er was een crisis in het land.
De ene man zei: we mogen geen geld meer uitgeven, dan gaat het weer goed.
De andere man zei: we moeten veel geld uitgeven, dan gaat het weer goed.
Ze konden het beiden niet eens worden, dus haalden ze er andere mannen bij.

Ze deden allemaal heel veel water in de wijn, de één wat meer dan de ander,
maar ze dronken met volle teugen en werden er heel vrolijk van.
‘Het land is gered!’ riepen ze om het hardst.
‘We gaan alleen nog maar bruggen bouwen!’ riepen ze in koor.
Zo vaak als ze maar konden zeiden ze elkaar dat ze zielsveel van elkaar hielden.
Ze riepen het naar elkaar, fluisterden het onverwacht in elkaars oor.
Zij schreven het met bevende handen in briefjes aan elkaar, die ze met de post
verstuurden en met trillende vingers openmaakten, en ‘s nachts deden ze alsof
ze het hardop droomden, tussen onverstaanbare zinnen in: ‘Ik hou van jou’.
Beide partijen riepen leuke dingen voor de mensen.
‘Nivelleren is een feest!’ of ‘Na het zoete het zuur!’

Maar de mensen in het land werden alleen maar armer, zij konden geen water
in de wijn doen, het water was onbetaalbaar geworden.
Er werden geen bruggen gebouwd. De bouwvakkers werden ontslagen.
De treinen reden niet meer op tijd, of helemaal niet. Toen ze snelle treinen
kochten, gingen ze kapot.
En dat kostte veel geld, geld dat de mensen in het land moesten betalen.
Die werden hoe langer hoe meer ontevreden.
Ze voelden hun liefde voor de mannen in dat mooie huis wegglippen, als een
spartelend visje uit hun stijve, werkloze handen.
Ze moesten hun eigen mooie huis met verlies verkopen.

Er kwamen verkiezingen, de mensen mochten hun gemeentebestuur kiezen.
Nee, niet de burgemeesters, ook niet de wethouders, stel je voor!
De uitslag was verpletterend.
De twee mannen in dat mooie huis met die torentjes verloren de verkiezingen,
hoewel ze er eigenlijk niks mee te maken hadden.
Ze klampten zich aan elkaar vast, knuffelden elkaar, krabden elkaar,
beten in elkaars oren.
Toen gingen ze op een bank zitten. Ze zagen er moe en bleek uit.
Ze sloegen hun arm om elkaars schouders, bogen hun hoofd, knikten
en zeiden: ‘Nu hebben wij verloren.’
Een tijdlang was het stil.
Toen zei de ene man: ‘Maar we hoeven onszelf niets te verwijten.’
‘O nee,’ zei de andere man, ‘niks daar van, de mensen snappen het niet,
we gaan gewoon door.’
‘Wat vreemd,’ fluisterde de ene man even later, ‘om niet meer zo geliefd te zijn.’
‘Ja,’ fluisterde de andere man.
Ze streelden elkaars schouders om elkaar te troosten en kregen een eigenaardig
warm en vredig gevoel dat ze nog nooit hadden gehad.
‘Ik had gedacht dat ik nu een heel ander gevoel zou hebben,’ zei de ene man.
‘Ik ook,’ zei de andere man.
Zo zaten ze naast elkaar, urenlang, in het donker, op een avond in maart,
een korte tijd voor hun regering viel.
 
 

Proost!

 
 
wijnen
Vroegâh was niet alles beter.
Als je met vakantie naar Balkonia of Tuinesië ging had je niks te vrezen, maar o wee als je aan de Noord-Afrikaanse kust een wijntje wilde drinken…
 
 
B Y Z O N D E R H E E D E N

Tunis den 29 Maart Anno 1773.
De Feeften van den Bafram, zyn alhier met eene ftilheit
gevierd, die ‘er anders niet eigen aan is, maar toegefchreven
moet worden aan de goede voorzorgen der Regeringen
om de Drink-partyen en de gevolgen, die ze doorgaans
hebben, te verhinderen. Men ftraft niet alleen de
Mohometanen, die zich in den Wyn ten buiten gaan,
maar ook hen die ze hun bezorgen. De Bey heeft zedert
een jaar den invoer ven Wyn en Brandewyn ftreng verboden.
Hy ftaat maar alleen aan de Confuls toe dat zy er hunne
jaarlykfche provifie van inflaan, en geeft telkens laft om
huiszoeking te doen by de Christenen en Joden, welke
dikwils den Mahometanen daar van voorzien met gevaar
van tot Slaven gemaakt te worden, gelyk reeds aan arme
Christenen gebeurd is, die niet meer dan ééne vles Wyn
in huis hadden. Zy, by wien een grooter hoeveelheit
gevonden is, hebben met hunne Vryheit alle hunne Goederen
verloren, terwyl de Wyn voor de deuren hunner huizen is
uitgeftort geworden.

mohometanen-06-1773
 
 

De man die het niet begreep

 
 
‘We zullen dóórgaan!’ sprak hij, bijna met tranen in zijn stem.
Het klapvee rondom hem klapte.

De stakker heeft er niks van begrepen.
Niks doorgaan.
Opzouten.
Stoppen.

Stop met liegen en loze beloftes doen onder het lelijke mombakkes van
‘het eerlijke verhaal’.
Stop partijgenoten, raadsleden, wethouders, burgemeesters, ministers
die boevengedrag vertonen of liegen en bedriegen, of totaal ongeschikt zijn
voor de publieke functie waarin ze door partij-vriendjespolitiek beland zijn.
Stop de partij-vriendjesbaantjesmachine.

Als je zelf vieze handen hebt kun je anderen niets verwijten, SpekSom.
Het volk heeft de hokjes gekleurd.
Van anderen.
Daardoor staan jullie er nu gekleurd op.
 
 

De vrouw en de gelijkzwevende stemming

 
 
De man en de vrouw woonden in een mooi huis met een voortuin,
waar in de zomer rijkbloeiende felrode rozen stonden.
Ze hadden een ruime kamer met erker, in een hoek stond een piano.
Het was een Schimmel, maar dat vonden ze niet erg.
Alleen de vrouw bespeelde het instrument.
Als dat gebeurde verschool de man zich achter een krant in de
grote fauteuil.
Als de vrouw een foute toets aansloeg, ritselde hij met de krant
en als je goed keek zag je het papier trillen.
De vrouw zei dat er geen foute toetsen bestonden, op het moment van
aanslaan was de goede toets net van plaats verwisseld met een andere.
‘Ik kan er niets aan doen,’ zei de vrouw, ‘het ligt aan de piano.’
De man ritselde nog vervaarlijker met de krant.
Ze had geweigerd weer pianoles te nemen.
‘Ik lees de muzieknoten van papier, mijn vingers slaan de toetsen
aan en de piano maakt dan geluid, dat kan toch niet beter?’
‘O ja, soms trap ik het pendaal ook nog in, als dat voorgeschreven
is.’
De man ergerde zich al jaren dat de vrouw pendaal zei, in plaats
van pedaal. Hij kreukte de krant maar streek hem gauw weer vlak omdat
hij het feuilleton nog niet had gelezen.
‘De piano moet gestemd worden,’ zei de vrouw, ‘daar gaat hij veel
beter van spelen.’
De man zweeg, de krant wilde niet meer ritselen.
Hij sloeg pagina twee op, met de ernstige berichten.
‘Woensdag kan er gestemd worden,’ zei hij grimmig.
‘O, dat komt goed uit,’ zei de vrouw verheugd, ‘bel gauw een
stemmer!’
De man legde de krant op het tafeltje en verliet hoofdschuddend
de kamer.
De vrouw pakte de krant op en las de koppen.
‘Stem lokaal’ las ze, ‘met Stevens aan het roer krijgt elke vrouw een boer.’
‘Nee,’ mompelde ze, ‘die maar niet, ik wil eentje die aan huis komt.’
‘Laat ons voor u stemmen, dan blijft u lekker thuis,’ las ze met een
vinger bij de letters.
‘Dat lijkt me wel wat,’ zei ze verheugd, ‘even kijken, wie kan ik dan
bellen? Hm. PvdA, CDA, SGP, VVD?’
Ze twijfelde.
‘Dat SGP, zou dat dan Stem Goed Piano betekenen?
Laat ik die dan maar doen.’
 
 

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 42 andere volgers

%d bloggers like this: