De man en zijn tolk

 
 
Er woonde een oude man in een groot huis met veel kamers. De kamers hadden
een heel hoog plafond, als je omhoog keek kon je bijna de wolken zien.
De man had veel aanloop.
De bel van de deur rinkelde om de haverklap om een nieuwe bezoeker te melden.
Dan was die het tuinhek al door, daar stond de butler van de oude man die de
meeste mensen die naar binnen wilden wegstuurde.
De oude man deed zelf de deur maar open, zijn butler had het al druk genoeg.
Er stond een man op de stoep die dolgraag een kamer wilde.
Nee, niet tijdelijk huren ofzo, maar gewoon voor altijd.
Hij was belangrijk, vertelde hij.
‘Ik ben belangrijk, echt waar.’
Hij was volksvertegenwoordiger vertelde hij verder.
‘Ik ben volksvertegenwoordiger.’
De oude man liet de bezoeker in de hal in een bepaalde stoel plaatsnemen om
hem wat vragen te stellen.
‘Heb je het volk goed vertegenwoordigd?’ vroeg de oude man die tersluiks door
zijn lange witte baard streek.
‘Ja, ja natuurlijk,’ zei de man, een beetje zenuwachtig want hij was niet gewend
dat mensen zich niks aantrokken van zijn belangrijkheid.
‘Heb je mensen die in nood bij je aanklopten, een bed, onderkomen en brood
aangeboden?’ vroeg de oude man vervolgens.
De man die in de bepaalde stoel in de hal van het huis met de hoge plafonds
zat, schuifelde wat heen en weer.
‘Ja, ja zeker, dat liet ik een staatssecretaris altijd doen, echt waar.’
De man in de stoel werd een beetje rood.
‘Die moest zich natuurlijk wel aan de regels en de wet houden, die zijn er niet
voor niets, als we daar van afwijken is het hek van de dam natuurlijk.’
De oude man met de witte baard keek de man in de stoel strak aan.
‘Ben je altijd eerlijk geweest? Beloftes altijd nagekomen?’ vroeg hij een beetje
dreigend.
De man in de stoel keek naar het perzische tapijt op het parket voor zich.
‘Euh ja, als de omstandigheden dat toelieten. Natuurlijk moest ik vaak
het beleid bijstellen, mijn partij had het zwaar met die link-‘
Hij stopte abrupt en kuchte.
‘Ja, die duizend euro, dat was verkiezingstijd natuurlijk, dat wist toch
zeker iedereen?’
De man met de witte baard fronste zijn eveneens witte wenkbrauwen.
‘Ben je genadig geweest? Heb jij mensen geholpen die jou hielpen? Mensen die
in de oorlog jouw leger hebben geholpen, bijvoorbeeld?’
De man in de stoel leek door de grond te willen zakken.
‘Maar het was geen oorlog in Afghanistan, we hebben politiemensen getraind,
ja die spraken natuurlijk geen Nederlands, er waren tolken nodig. Maar het
was geen oorlog. Politionele actie als het ware,’ zei hij met een klein stemmetje.
Hij keek hoopvol naar de man met de witte baard.
Die schudde zwijgend zijn hoofd en haalde een hendel over die uit de wand stak.
De man in de stoel zakte door de grond.
Vlammen sloegen uit het geopende luik en je kon hem horen gillen, onderweg naar
de bodem van het sousterrain die zo ver en diep leek dat je tot heel in de verte
alleen maar de vurige vlammen zag.
 
 

Een fout verleden

 
 
Na de verherschreven Sinterklaasliedjes en de Kerstliedjes voor de kids van tegeswoordigs
moeten alle andere Nederlandse liedjes natuurlijk ook verhergeschreven worden.
Qua tekst dan. En soms ook de melodie als het even kan.
Maar vlak foute teksten van cabaretiers ook niet uit! Of zijn het teksten van foute
cabaretiers?

Hieronder enkele voorbeelden:

Hij was maar een neger

 
 
Een zwarte zigeuner

 
 
Een Arabier met een postkoets

 
 
Familieband

 
 
Witwassers

 
 
Wapperende vingers en nog meer

 
 
Seks en drank in de Jordaan

 
 
God is niet dood

 
 
Geen neger

 
 
Op één been

 
 
Met een krul in de pijp

 
 
 

Kerstliedje voor de kids van tegeswoordigs

 
 
jezus_kribbe
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

Nu alle Sinterklaasliedjes zijn herschreven, komen de Kerstliedjes aan de beurt.
Alle niet-welgevallige woorden en zinnen kunnen dan vervangen worden door
de huidige politiek-correcte versies.
Maar voordat ik daarmee start, wil ik eerst beginnen met de uitleg van zo’n
liedje, want de kids van tegeswoordigs snappen natuurlijk niks van die ouwe meuk.
Let op, vingers aan de knoppen, het liedje heet ‘Kindeke klein':

Hoe leit dit kindeke hier in de kou
leit = waarschijnlijk een drukfout, het zal ‘legt’ moeten zijn
kindeke = het is geen dekentje tot aan de kin opgetrokken, maar
een heel oud woord voor een kid. Zoiets als ‘rotjong!’ of ‘bitch!’

Ziet eens hoe alle zijn ledekens beven
ledekens = zijn geen dekens, maar de uitsteeksels waarmee je een eiPad
vasthoudt of waarmee je je zusje of broertje een schop geeft.
Armen en benen, snap je. En ze bibberen dus.

Ziet eens hoe dat het weent en krijt van rouw
weent = een heel oud woord voor janken. Dat is wat je doet als je broertje
of zusje je hard geschopt heeft.
krijt = geen stoepkrijt hoor, het is weer een oud woord. Het betekent eigenlijk
schreeuwen of gillen, wat je doet als je broertje of zusje je aan je haar trekt.
rouw = dat is er als er iemand doodgegaan is. Nee, niet als er een lichtgetinte
man met Noordafrikaans uiterlijk doodgeschoten bij je op de stoep ligt, maar
als je lieve tante waarvan je álles mag, dood is. Dan ga je rouwen, dus iets
van ‘ik krijg nooit meer stiekem snoep of geld van d’r, boehoe’.
Dus dat kind ligt bibberend van de kou te gillen omdat het niks meer krijgt
van z’n dooie tante.

Na, na, na, na, na, na, Kindeke teer
5 keer na = Als een liedjesschrijver (je weet wel, zo’n figuur in de sjurie
van Eidols of Ex-Fektor of Ze Voise of Hollend) niks meer weet, beginnen ze altijd
met na na na. Dat na na na zit in wel duizend liedjes. Ook in deze dus.
Kindeke = dezelfde van de eerste regel.
teer = niet van dat zwarte goedje waar ze de weg van gemaakt hebben, of dat
spul wat ook in sigaretten zit en waarvan je ouwelui zo hoesten en rochelen.
Ze roken toch wel? Het betekent hier zoiets als breekbaar, gauw kapot.
Als je het op de grond laat vallen gaat het kapot, net als je eiPad.

Ei, zwijg toch stil, sus, sus
Ei = ei. Als je dat geeft wordt het Kindeke stil.
Sus = Of je geeft hem een Suske en Wiske, dat werkt ook.

En krijt niet meer.
krijt = nee, het Kindeke zit niet te stoepkrijten, het gilt van ellende.
Net zoals jij als je broertje of zusje je eiPad afpakt. Kappen dus!

Tweede couplet.

Sa, ras, dan Herderkens, komt naar de stal:
Speelt op uw vedelkens voor dit teer lammeke:
Speelt er dan zachtje tot het slapen zal!
Na, na, na, na, na, na Kindeke teer,
Ei, zwijg toch stil, sus, sus!
En krijt niet meer.

Ik zou zeggen, probeer dat zelf maar eens. Ik geef het op, hoe leg
je een kid van tegeswoordigs uit wat een schaap is, en waarom er geen
velden maar wel wegen zijn, wat Herderkens betekent (mijn neefje las
eerst Heineken, dat kent-ie wel), wat ze daar doen en waarom.
Dan nog vedelken. En een lammeke.
Succes ermee!
 
 

Verhernieuwen

 
 
Het leven neemt soms vreemde wendingen.
Ooit was ik de populairste oom van de familie.
Als jongste van mijn broer en zussen was het leeftijdsverschil tussen hun kinderen,
mijn neven en nichten, en mijzelf niet erg groot.
In de vakanties logeerde ik meestal bij mijn oudste zus, en die kreeg vier kinderen.
Spelen, ravotten, gekheid maken, en ik moest ook wel eens een luier verwisselen.
Ik leerde ze ondeugende dingen, vertelde ‘s avonds spookverhalen als ze met fris
gewassen snoetjes in hun bedden lagen, op zolder.
Maakte bloedstollende geluiden zodat ze bibberend onder hun dekens kropen…
Maar als het verhaal uit was: ‘Méér! Nog ééntje!’

Als we naar het zwembad fietsten had ik de jongste van twee, vóór mij in
een kinderzitje aan het stuur. Leerde ik hem onderweg vieze woorden, zodat
in het zwembad iedereen omrolde van het lachen, mijn zus incluis.

Maar ook de neefjes en het nichtje trouwden, kregen kinderen.
En zoals het vaak gaat in het leven, zag ik ze bijna niet meer.

Tot Lotte, mijn achternichtje van amper drie, kanker kreeg.
Op de begrafenis werd het witte kistje door haar vader, zijn broers en een zwager
de kerk uitgedragen.
Ik had haar oudere broertje Ruben van vier aan de hand, toen we naar het graf liepen.
‘Wat voor auto heb jij?’ wilde hij weten.
‘Toyota,’ fluisterde ik.
Hij knikte. ‘Tayoto,’ zei hij, ‘da’s een goeie.’

Het afgelopen weekend was mijn zus jarig. Het werd groots gevierd, in een zaaltje,
en haar kinderen en alle kleinkinderen waren er.
Vanaf het zonnige parkeerterrein liep ik het gebouw binnen, er kwam een jonge reus
van twee meter naar buiten gelopen.
Hij keek me aan, er was wederzijds iets bekends. Een brede lach spleet zijn gezicht
in tweeën en hij brulde: ‘Rij je nog steeds in die Tayoto?!’
 
 


Geschreven in dierbare herinnering voor Plato’s WE300 van september: Renoveren
Het woord mag niet in het verhaal voorkomen en het verhaal moet 300 woorden tellen.
Zelf meedoen? Of meer 300 woordverhalen lezen?
Klikkerdeklik hier.


 
 

De nieuwe mobilitijd

 
 
Vanmorgen kwam ik mijn buurman tegen.
Hij liep te stralen van blijdschap.
‘Kijk eens!’ riep hij, ‘het nieuwste van het nieuwste!’
Hij hield zijn linkerarm omhoog.
Aan zijn rechterarm bungelde een glanzend zwart koffertje.
Ik keek waarschijnlijk een beetje schaapachtig.
‘Mijn smartwatschj, kerel!’
‘O?’
‘Kijk dan!’

Buurman is meestal een kalme, rustige man. Wel met een voorliefde
voor technische gadgets en gimmicks. Hij kent er geen andere woorden
voor, maar om een idee te geven:
Hij heeft een robotstofzuiger. Voor een woonkamer van nog geen
20 vierkante meter.
Een afwasmachine voor wel 30 borden, pochte hij. Hij is single.
Drie verschillende koffiemachines. Meestal drinkt hij thee.
Een bladblazer voor verdwaalde afgevallen blaadjes van een boom die
aan de achterkant van ons gebouw staat.
Een audio-installatie waarmee je gerust de boemende bassen van
de botsautootjes op de kermis kunt overstemmen. Hij heeft het geval
op heel zacht staan, want het is een klein beetje gehorig in ons gebouw.
Hij heeft een laptop, een tablet en een vaste pc.
Met natuurlijk draadloos internet, ‘leuk joh!’
Hij kijkt televisie op zijn tablet. Hij heeft een loeier van een platte tv,
’48 inch!’ juichte hij, maar tv op zijn tablet vindt-ie leuker.
Nou ja, u begrijpt het wel.
Een techneut en knopjesman.

Op zijn pols zat een lomp vierkant kastje.
‘Een Samsung Gear Live,’ kraaide hij. ‘Gaaf jongen!’
Ik vroeg hoe laat het was.
Hij klemde het koffertje onder zijn arm om zijn rechterhand vrij te maken.
‘Hij staat nu op de hartslagmeter, wacht…’
Hij tikte op en veegde over het schermje.
‘Euh… wacht, zo…’
Het duurde even.
‘Ha! Tien uur twintig… o nee, dat is in Londen… wacht…’
‘Ja, dit is het!’ en triomfantelijk duwde hij het kastje onder mijn neus.
‘Ja, ik zie het. Heb je een nieuw koffertje?’
Zijn triomfantelijk brede lach verdween als sneeuw voor de zon.
‘Euh… ja, nee…’ stamelde hij, ‘dat is voor de batterijen.’
 
 

Een man die Ove heet

 
 
Ik lees wat af.
Veel boeken kunnen me niet écht boeien.
Vaak is het verhaal dat verteld wordt onwaarschijnlijk, of zijn de personages erin
onbegrijpelijk gecompliceerd of zo ééndimensionaal dat ik het boek zuchtend
halverwege terzijde leg.
Het laatste gevoel kreeg ik nadat ik begon te lezen in ‘Een man die Ove heet’.
Maar toch was ik wel nieuwsgierig geworden, na het eerste hoofdstuk.
En toen… werd ik meegesleept in het verhaal dat zich ontvouwde.

Een 59-jarige man die Ove heet is een mopperende control freak en dat maakt
hem niet geliefd. Zijn wereld is zwart-wit.
De enige die er kleur in bracht was zijn vrouw, en die is er niet meer.
Als Ove dan ook nog zijn werk kwijtraakt heeft hij geen reden meer om te blijven
leven en op zijn eigen methodische manier bereidt hij het einde ervan voor.
Maar hij wordt dwarsgezeten door onhandige buren, een man die op de spoorrails
valt en een rommelige zwerfkat.
De maatschappij snapt Ove niet, en Ove de maatschappij niet.

Na het eerste hoofdstuk kun je het nauwelijks voorstellen, maar al gauw
ga je van Ove houden.
Er zijn weinig boeken waar ik het ene moment in een lach schiet en het andere
moment met een brok in de keel zit.
En vol met schitterende zinnen, die het verdienen ingelijst te worden.

Het verhaal vertelt ‘tongue in cheek’ het leven van Ove met zijn ups en downs.
Laconiek, zoals Ove zelf lijkt te zijn, maar onderhuids een lofzang op liefde.

Laat je grijpen!

Titel: Een man die Ove heet
Auteur: Fredrik Backman
 
Een man die Ove heet
 
 

Zuigen

 
 

Das Oberkommando Europas gibt bekannt:

Ab heute sind Staubsäuger mit mehr als 1600 Watt leistung verboten!

Dat zuigt!
In plaats van burgers te helpen met het kiezen van een energiezuinige stofzuiger,
verbieden de Brusselse regenten eenvoudig.

Zeg, stelletje geldgraaiende en verkwistende Eurocraten, kijk eerst eens naar jezelf.
Met je verhuizingen van Brussel naar Straatsburg en vice versa.
Dat kost geen drol natuurlijk.
En helemaal niet belastend voor het miljeu en energieverkwistend.
Wat een mensbeeld hebben ze daar…

Opzuigen, die Eurocraten, zo snel mogelijk.
En de stofzak ergens in het Midden-Oosten legen.
De Brusselse bureaucraten kunnen die extremisten daar nog wel wat leren.
Bloedeloos, dat wel weer.
 
stofzuiger
 
 

De zin van…

…tvkijken
…religie
…bloggen
…fietsen
…bedelen
…soep koken
…lezen
…schrijven
…denken
…het leven

Ik ben voel me gedeprimeerd.

Somber om wat er in de wereld gebeurt.
Somber van het tvkijken naar bijvoorbeeld Nieuwsuur of het NOS-journaal
die al die vreselijke islam-extremistische massamoordenaars,
vrouwen- en kinderverkrachters en slavenhandelaren ‘strijders’ noemt.
Somber om zo’n burgemeester die vrolijk vakantie blijft vieren
als er in zijn stad ‘Dood aan alle Joden’ wordt geroepen, en dan
laat verklaren dat er geen grenzen zijn overschreden.
Somber omdat dit probleem niet op te lossen valt, omdat nog zo’n groot
deel van die analfabete en achterlijke woestijnvolken, die zich
overal in de westerse wereld hebben verspreid, een barbaarse religie
aanhangt en niet beter wil weten.
En dat we nog steeds door een stelletje VVD-ers en PvdA-ers worden
geregeerd die in principe wegkijken. Wanneer de publieke opinie ze een
beetje wakker probeert te schudden, reageren ze als door een wesp gestoken,
door de boodschapper aan te vallen.
Op stelten halfgare en nietwerkende maatregelen verzinnen en die
vervolgens half of niet uitvoeren.
Ik kijk maar niet langer naar het journaal of opinieprogramma’s op de tv,
voor mijn gezondheid is dat veel beter.

Vrolijk bloggen gaat daardoor niet zo goed, mijn humor is een beetje
doodgeslagen. O nee, dat kan niet.
Ik wil uit principe niet met een kwaad humeur bloggen, om te voorkomen
dat de tere zieltjes van de lezers/essen gekwetst worden. Er is al ellende
genoeg in bloggersland.

Fietsen. Lekker, in de regen. Niet dus.
Nou ja, even naar de supermarkt waar de volksstammen van campinggasten
weer naar huis zijn, gelukkig.
Ik ging soep maken en tot mijn schrik was het gehakt voor de
soepballetjes op. Gisteren ging dat door de macaroni-carbonara, lekker.
Dus op de fiets gesprongen geklommen.
Bij de supermarkt staat daar de sokkenbreister in haar scootmobiel weer
ongegeneerd de weg te versperren. Ze rijdt half voor de ingang en
bedelt bij de mensen die naar buiten komen om zegeltjes.
Of ze roept luidkeels: ‘Sokken te koop!’, wat ook op een bordje staat
dat tussen een wirwar van gebreide sokkken aan haar scootmobiel hangt.
Ik heb al diverse aanvaringen met haar gehad, het is een ouwe tang van
tachtig die de ingang gewoon terroriseert.
Ik slalom langs haar de winkel in.
Gehaktballetjes uit blik? Neu.
Vers gehakt dan? Allemaal gekruid, een specialiteit van deze supermarkt.
Ik kruid zelf wel, dank u.
Ah, nog één bakje soepballetjes, rundvlees en niet gekruid. Hebbes.
Bij de kassa ruzieën twee kassameisjes (vijftien/zestien?) in het Fries
over het gebak dat ze in de nakende pauze gaan nuttigen. Boeiend.
De sokkenheks is verdwenen, vrij baan!
De soep wordt lekker, Deense rundvleessoep met bovengenoemde ballen en
voorverpakte soepgroente, waar ik de wortelblokken uitvis.
Als ik wortelen wil eten koop ik wel wortelen en geen soepgroente.
Waar was ik ook alweer?

O ja, lezen.
Ik lees ‘s avonds voor het slapen nog een stukje op m’n e-reader.
Lichte kost.
Marcel van Roosmalen, gebundelde stukje die al eerder in krant/tijdschrift
verschenen zijn. Tongue in cheek. Geweldig.
Silvia Witteman. Zelfde laken een pak.
Eigenlijk de poeha-mensen in de samenleving te kijken gezet.
Heerlijk.
En je kunt er geweldig op slapen.

Tot mijn verbazing lukt het schrijven van een stukkie nu wel.
Als je er over nadenkt is het natuurlijk een kwestie van
afreageren. De boosheid op papier/tablet/monitor zetten en dan
ebt het langzaam weg.
Moesten die booslims ook maar doen, bedenk ik nu.

Het leven is dus eigenlijk zo gek nog niet.
Alleen mis ik wéér de Visserijdagen in Harlingen.
Mijn auto is stuk, moet naar de garage.
Naar die gruwelijke mannen gekleed in vette, blauwe overalls en met
rouwrandjes onder de nagels die voor een stukje vreemgebogen metaal
met een rechtsdraaiend schroefje erin, bestemd voor een achterwiel
goudgeld durven te vragen! Gvd!

Gelukkig is de soep wel lekker.
Ach, het leven is toch zo gek nog niet.

De man en zijn kleurtje

 
 
Komkommers zijn groen, ook in de komkommertijd.
Die is nu voorbij, politici kruipen weer onder hun steen uit zoeken weer de publiciteit.
Rood moet het worden in plaats van komkommertijdgroen.
Tenminste volgens de Azijnbode Volkskrant.
Op zaterdag 23 augustus worden de pagina’s weer vrolijk roodgekleurd.
Samsom laat na een lange, diepe stilte weer van zich horen.
 
Pownews-Samsomitis-23-8-2014 11-14-05
 
 
Volgens Pownews (wasdat?) wil de oude links-rode Greenpeace-activist de ‘rechtstaat beschermen’.
 
 
 
 
 
 
Maar ook onze Hollandse Nederlandse tomaten en rode paprika’s doen mee!
Rodekoppen
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Rode wangen krijg je van het lezen van oude vieze boekjes, volgens een beetje overjarige column-mevrouw.
Dus Diederik, neem een abonnement op de bibliotheek!
O, wacht…
 
 

De vrouw en het scheurtje

 
 
In een groot, oud gebouw woont een vrouw met blonde haren.
Het gebouw lijkt wel een paleis maar is het niet.
Dit gebouw draagt de traditie van een paleis, net zoals iedereen binnen het gebouw
een traditie draagt.
Er is een bovenste verdieping, bewoond door wel 85 generaals.
De verdiepingen daaronder bevatten vele, vele luitenant-kolonels en kolonels.
De vrouw met de blonde haren was enige tijd geleden gebombardeerd benoemd tot
Minister van het Departement van Oorlog Defensie.
Zij is dus de baas van al die vlag- en opperhoofdofsieren die in dat gebouw vertoeven.
Zij geeft hen bevelen.
Strenge bevelen, die de ofsieren niet mogen tegenspreken.
De vrouw zelf ontvangt die strenge bevelen van een groepje burgers.
Die burgerlieden zijn politici, door de andere burgers van het land gekozen.
Ook deze politici hebben geen verstand van het krijgsbedrijf, nooit hebben zij
de wapenrok gedragen, moeten salueren voor een meerdere, met een UZI ‘s nachts
op wacht gestaan bij een leeg complex bunkers, of willoos naar de kapper
gestuurd om hun lange haren te laten knippen.
Dat is allemaal al lang geleden afgeschaft.

Generaals zijn duur.
Maar de dingen waar hun ondergeschikten soms in rijden, vliegen of varen zijn
nog duurder. Gelukkig hadden de meeste generaals wel eens in een duur voertuig
gezeten, toen ze met de Fyra naar hun werk spoorden.
Op bevel van dat groepje onwetenden dat zich ‘kabinet’ noemt, moesten de generaals
veel voertuigen, vliegmachines en marineschepen op bevel van hun vorige baas én de
huidige bazin wegdoen, verkopen.
Dat heet bezuinigen.
Zelf mochten de generaals blijven, behalve de enkele die met pensioen ging.

De Minister bladert door een stapel papieren voor haar op het bureau.
Plotseling springt ze op.
‘Een scheurtje in onze vliegtuigen?’ leest ze hardop van een A4tje.
‘Adjudant!!’ roept ze door het vertrek.
Een deur gaat open en de adjudant treedt nader, staat in de houding.
‘Hebben we nog tweezits F16’s ?’ vraagt ze met onvaste stem.
‘Zeker, mevrouw de Minister,’ antwoordt de adjudant.
‘En hoeveel dan wel?’
‘Eéntje, mevrouw de Minister, maar die staat in het luchtvaartmuseum.’
‘Pfoe… dat valt mee, dan.’
Opgelucht valt ze weer neer in de comfortabele pluchen zetel.
‘Maak een notitie en geef dat door aan de pers,’ beveelt ze de adjudant.
‘Al onze F16’s worden door de Luchtmacht voortdurend gecontroleerd,
het probleem is al jaren bij ons bekend.’
De adjudant verlaat met de notitie het vertrek om het ANP te bellen.

De Minister zit breeduit in haar pluchen zetel.
‘Weer een reden om de JSF te nemen,’ mompelt ze tevreden.
 
 

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 49 andere volgers

%d bloggers op de volgende wijze: